Week van de Democratie zoekt nieuw volkslied

Vpro.nlVandaag is de Week van de Democratie begonnen op de Publieke Omroep. Een van de dingen die zal worden georganiseerd is de verkiezing van een nieuw (alternatief?) Nederlands volkslied. Een geestig en ook best mooi idee. Er is keuze uit onder andere Paul de Munnik, Liesbeth List de rappers van The Opposites en een nummer van Frans Bauer. Hier kunt u stemmen en beluisteren. Mijn voorkeur gaat uit naar het lied van Paul de Munnik met een tekst van Jeroen van Merwijk, met terzijde gesteld dat een nieuw volkslied totaal niet nodig is. Nederland heeft het oudste volkslied ter wereld en het zou belachelijk zijn om zoiets op te geven. Dat zit er in geslagen.

UPDATE: De Winnaar is inmiddels bekend. Frans Bauer met 'Mijn Vaderland', lees verder.

Lees ook:Het Wilhelmus moet verdwijnen
Lees ook:Frans Bauer zingt ‘nieuw’ volkslied
Lees ook:Ook Matthijs van Nieuwkerk krijgt maar 200.000 euro
Lees ook:Goed dat ze er zitten: Pauw en Witteman in Uruzgan
Lees ook:De Week Van… Jeroen(tje) Dijsselbloem

2 reacties op “Week van de Democratie zoekt nieuw volkslied

  1. Rob van Doorn

    Week van de democratie

    Is de democratie geholpen met de honderd dagen van het kabinet? Of met inspraakavonden, panels, forums, klankbordgroepen, werkateliers, rondetafelgesprekken, focusgroepen, referenda en preferenda en spreekuren?
    Het burgemeestersreferendum in Utrecht is mislukt. Ook dat instrument blijkt niet te werken. Eigenlijk was dat al duidelijk bij het referendum over de Europese grondwet. De macht blijft bij de tienduizend bestuurders en enkele duizenden bepalende ambtenaren in Nederland.

    Smal draaipunt
    Nederland kent een breed politiek spectrum, maar het aantal leden van politieke partijen is slechts 320.000. Dit is minder dan 4% van het aantal kiesgerechtigden. Slechts 10% daarvan is actief en valt op. Dat betekent dat we onze politieke elite werven uit ongeveer 30.000 mensen. Deze potentiële kandidaten zijn uitverkoren, maar niet per definitie het meest geschikt. Veel kwaliteit blijft buiten het politieke proces. Dit is een smal draaipunt voor een belangrijk aspect van onze democratie. De kabinetsleden, de leden van Gedeputeerde Staten en de leden van het college van Burgemeester en Wethouders worden benoemd. De leden van de Eerste Kamer worden getrapt gekozen. Anders gezegd: de leden van het dagelijks bestuur van openbaar bestuursorganen worden door coöptatie tot het ambt geroepen. Dat kan een kwaliteitsbevorderend effect hebben, maar de groep waaruit geworven wordt, blijft klein.
    De leden van Provinciale Staten of een gemeenteraad kunnen tussentijds niet door de kiezers naar huis worden gestuurd. Ook niet wanneer de politieke verhoudingen zwaar verstoord zijn en een nieuw college van GS of B&W nauwelijks tot stand gebracht kan worden. Zie voor lange tijd de situatie in Delfzijl. Een correctie door het electoraat is niet overwogen.

    Verdebilisering van de burger
    Naast het te smalle draaipunt waarop onze democratie rust, is er nog een ander probleem, de rolopvatting van bestuurders en ambtenaren. Het valt op dat activiteiten om de burger te laten participeren weliswaar op verschillende momenten in een besluitvormings- en uitvoeringsproces aan de orde kunnen zijn, maar bijna nooit in het stadium van visieontwikkeling en planvorming. Die is voorbehouden aan de politiek. Politici hebben, daarin ondersteund door ambtenaren, het mandaat en het primaat. En daarmee schiet de besluitvorming over de hoofden van burgers heen. De burger wordt met visies van anderen over hún gemeente, buurt of wijk geconfronteerd en mag in het verlengde daarvan iets over de uitwerking zeggen. Men wordt met de neus in de pap geduwd en ziet daarmee de randen van het bord niet meer. De burger wordt in de stand van ‘not in my backyard’ geplaatst, met als gevolg actiegroepen, handtekeningenacties en dergelijke. Hierdoor wordt het gevoel bevestigd dat de burger niet competent is om over bestuurlijke en maatschappelijke vraagstukken na te denken. Of bij lage opkomst bij burgeravonden (het heeft toch geen zin) dat de burger niet geïnteresseerd is. Morrende of afwezige burgers zijn een rechtstreeks gevolg van de verdebiliserende besluitvorming, waarbij het primaat bij bestuur en ambtenaar ligt.

    Van eendimensionale besluitvorming naar betrokkenheid
    De 30.000 uitverkorenen onder ons vergeten vaak dat democratie in de kern niets anders is dan het organiseren van betrokkenheid. Die betrokkenheid bestaat niet alleen uit eens per vier jaar stemmen, maar kan ook worden ingevuld door burgers te vragen een bijdrage te leveren aan een bouwplan, het creëren van een betere relatie tussen bevolkingsgroepen, het aandragen van mogelijke oplossingen voor het fileprobleem.
    Elk probleem is niet per definitie opgelost als burgers erbij worden betrokken, maar in ieder geval wordt dan meer inzicht gecreëerd.

    Het is onverstandig, het holt onze democratie uit en het doet geen recht aan de deskundigheid en/of betrokkenheid van burgers als we onze democratie uitsluitend toevertrouwen aan een kweektuin van enkele tienduizenden partijleden, die worden ondersteund en beïnvloed door deskundige ambtenaren. Politieke partijen moeten hun legitimatie vinden in een actieve samenleving die geïnteresseerd is en voedt, die uitdaagt en bekritiseert, die bijstuurt en eist. Die de democratie versterkt!

    11 oktober ’07
    Rob van Doorn, Amersfoort
    Rob de Wilde, Velsen

    06-53706619

      /   Beantwoorden  / 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.